Staatssecretaris Van Bruggen: Wet Koa maakt online gokmarkt controleerbaarder, maar schiet tekort bij kwetsbare spelers
Staatssecretaris Van Bruggen: Wet Koa maakt online gokmarkt controleerbaarder, maar schiet tekort bij kwetsbare spelers

De kern van de boodschap van Van Bruggen
Staatssecretaris Aukje van Bruggen van Justitie en Veiligheid liet op 17 maart 2026 weten dat de Wet kansspelen op afstand, beter bekend als Wet Koa, de legale online gokmarkt in Nederland flink controleerbaarder heeft gemaakt; tegelijkertijd erkent zij in antwoorden op kamervragen dat de wet tekortschiet als het gaat om de bescherming van kwetsbare spelers. Deze verklaring, gepubliceerd op CasinoNieuws.nl, komt terwijl de markt sinds de invoering in 2021 een sterke groei doormaakt, met meer licenties voor aanbieders en strengere handhaving door de Kansspelautoriteit.
Experts observeren dat de Wet Koa sinds april 2021 een duidelijke scheiding aanbrengt tussen legale en illegale aanbieders, waardoor spelers makkelijker kunnen herkennen welke platforms veilig zijn; toch wijst Van Bruggen erop dat bepaalde mechanismen in de wet niet voldoende zijn afgestemd op groepen die extra risico lopen op gokverslaving. Het blijkt dat de staatssecretaris reageert op specifieke vragen van Kamerleden, die wilden weten hoe effectief de wet presteert na vijf jaar operationeel zijn.
En dat is waar het interessant wordt: terwijl de controle op de markt toeneemt – denk aan verplichte licenties, spelersregistratie en limieten op stortingen – blijven kwetsbare spelers, zoals jongeren of mensen met een laag inkomen, onvoldoende beschermd volgens deze officiële beoordeling. Observers noteren dat Van Bruggen de positieve kant benadrukt, namelijk dat illegale operators nu beter worden opgespoord, maar de bal legt bij verdere aanpassingen om risico's voor individuen te minimaliseren.
De Wet Koa in de praktijk: controle versus bescherming
De Wet Koa trad in werking op 1 april 2021 en regelt sindsdien alle online kansspelen in Nederland, van sportweddenschappen tot casinospellen; aanbieders moeten een licentie hebben van de Kansspelautoriteit, die zorgt voor strenge eisen rond eerlijkheid, verslavingspreventie en reclamebeperkingen. Data van de Kansspelautoriteit tonen aan dat het aantal legale licentiehouders groeide tot meer dan twintig in 2025, terwijl boetes voor illegale sites records breken – een direct gevolg van betere monitoringtools ingevoerd door de wet.
Maar hier komt het op aan: Van Bruggen geeft aan dat hoewel de markt nu beter in beeld is, met centrale databases voor spelersuitsluiting zoals Cruks, de wet niet volledig voldoet aan de belofte van optimale bescherming voor wie vatbaar is voor problematisch gokken. Kamervragen, ingediend door diverse fracties, richtten zich op statistieken over gokgerelateerde schulden en het aantal geregistreerde verslaafden, waarop de staatssecretaris toegaf dat aanvullende maatregelen nodig zijn, al dan niet via wetswijzigingen.
Die centrale database Cruks speelt een sleutelrol; sinds de Wet Koa moeten alle legale aanbieders spelers controleren op zelfuitsluiting, wat al duizenden mensen heeft geholpen, maar onderzoekers van de Australian Gambling Research Centre – een vergelijkbare autoriteit down under – wijst uit dat zulke systemen elders ter wereld vaak tekortschieten bij proactieve detectie van risico's, een patroon dat ook hier opduikt volgens Van Bruggen. Het is opvallend hoe de wet de markt ordent, terwijl individuele kwetsbaarheden blijven knagen.
Neem bijvoorbeeld het geval van spelers die via apps gokken; de wet verplicht verificatie van identiteit en leeftijd, maar Van Bruggen merkt op dat dit niet altijd voorkomt dat kwetsbare individuen doorslippen, vooral als ze bonussen najagen of hoge inzetten plaatsen zonder limieten te activeren. En zo groeit de legale markt – met een omzet die in 2025 richting de miljarden liep – maar blijft de balans tussen economische belangen en spelerswelzijn een uitdaging.

Kamervragen en de politieke context in maart 2026
In maart 2026, precies op de 17e, publiceerde CasinoNieuws.nl de antwoorden van Van Bruggen, die direct volgden op schriftelijke vragen van de Tweede Kamer; die vragen draaiden om de balans tussen marktgroei en verslavingsrisico's, met name na rapporten over stijgende gokuitgaven onder bepaalde demografische groepen. De staatssecretaris bevestigt dat de Wet Koa de illegale markt heeft teruggedrongen – schattingen gaan uit van een daling van 80 procent in illegale traffic – maar toegeeft dat beschermingsmaatregelen, zoals verplichte koelingstijden of strengere bonusregels, niet ver genoeg gaan voor kwetsbare spelers.
Wat significant is, merken politieke waarnemers op, is hoe Van Bruggen de deur openzet voor evaluatie; de wet voorziet in een tussentijdse review rond 2026, en deze antwoorden voeden dat proces, terwijl brancheorganisaties pleiten voor behoud van flexibiliteit en critici meer restricties eisen. Studies van het Trimbos-instituut, dat gokgedrag monitort, onderstrepen dat ongeveer 1 procent van de Nederlandse volwassenen problematisch gokt, een cijfer dat onder de Wet Koa stabiel bleef maar niet daalde zoals gehoopt.
En dan zijn er de praktische voorbeelden: één Kamerlid vroeg specifiek naar de effectiviteit van reclameverboden, waarop Van Bruggen uitlegde dat雖然 de wet sponsoring en agressieve promo's beperkt, kwetsbare spelers nog steeds worden bereikt via grijze kanalen; dat gezegd hebbende, prijzen experts de toegenomen transparantie, want licentiehouders moeten nu jaarlijks rapporteren over spelersgedrag, wat leidt tot betere inzichten en gerichtere interventies.
Implicaties voor spelers en de toekomst van regulering
Voor Nederlandse spelers betekent dit dat de markt veiliger voelt – met tools als stortingslimieten en real-time monitoring – maar dat extra waakzaamheid geboden is, vooral voor wie al risico loopt; Van Bruggen's woorden suggereren dat aankomende aanpassingen zich richten op betere risicoprofielen en strengere eisen aan aanbieders. Het is niet rocket science: data van de Kansspelautoriteit reveleren dat sinds 2021 het aantal spelersklachten daalde met 40 procent, een succes van de controle, terwijl meldingen van verslaving juist licht stegen onder geregistreerde gebruikers.
Observers noteren dat internationale vergelijkingen helpen; in Zweden, waar een gelijkaardige wet geldt sinds 2019, introduceerde de Spelinspektionen aanvullende AI-tools voor risicodetectie, iets dat Nederland mogelijk overneemt volgens hints in de kamervragen. Maar de reality is dat de Wet Koa al een stap vooruit was na jaren van wildwest in online gokken, en Van Bruggen's assessment op 17 maart 2026 markeert een moment van reflectie, terwijl de markt blijft evolueren met nieuwe tech zoals live betting en crypto-integraties.
So, waar staan we nu? De wet controleert de markt effectiever, dat staat vast, maar beschermt kwetsbaren minder dan beoogd; één studie uit Canada, van het Journal of Gambling Studies, vond dat vergelijkbare regimes vaak pas na vijf jaar echte tweaks nodig hebben, een patroon dat hier past. Mensen die de sector volgen, zien dat dit de writing on the wall is voor beleidsmakers: verfijn de regels, want de bal ligt nu bij het kabinet.
Conclusie
Samenvattend stelt Staatssecretaris Van Bruggen dat de Wet Koa de online gokmarkt controleerbaarder heeft gemaakt door strengere licenties en monitoring, zoals bleek uit haar antwoorden op kamervragen gepubliceerd op 17 maart 2026 via CasinoNieuws.nl; tegelijkertijd valt de wet door de mand bij de bescherming van kwetsbare spelers, een punt dat evaluaties en mogelijke wetswijzigingen inluidt. Experts voorspellen dat deze balans actueel blijft, terwijl de Kansspelautoriteit doorgaat met handhaving en spelers hun eigen grenzen bewaken. Het is een markt in transitie, met duidelijke winsten op controle maar ruimte voor groei op welzijn.